Juni: oude waterrot/rat
Toen het eiland meer en meer ontdekt werd door toeristen, besloot hij zijn diensten als gids aan te bieden. Hij is niet het type dat toeristen opzoekt om zijn tour te verkopen, hij aanschouwt het relaxte straatleven van Caye Caulker vanop zijn terras. "Juni's snorkel en sail tours" staat er op een klein bordje onder zijn terras. Hij leeft van mond-tot-mondreclame, maar ziet de toekomst somber in. "Jonge gidsen komen naar het eiland en klampen toeristen vast met hun tours vol luide muziek en rum punch. Ze staan zelfs klanten op te wachten onder mijn terras om hen van gedachte te doen veranderen." Zo probeerde ook Big Steve, een rastaman afkomstig van het vasteland, zijn tour aan mij te verkopen. "Wij bieden een toffe sfeer aan, met muziek, rum punch en ceviche", probeerde hij me te overtuigen. Hij klonk inderdaad overtuigend, zeker als je pas op het eiland aankomt. Maar een koppel uit de VS had me Juni aangeraden en sprak over zijn harmonie met het waterleven, zijn diepe passie voor vissen. Ik koos twijfelend voor Juni, hopend dat het de goede keuze zou zijn. En dat was het ook. Ik voelde me één met het leven onder water, keek bewonderend naar hoe Juni communiceerde met zijn ‘vrienden’ de vissen en met hen speelde.
Op de eerste trip waren we met drie toeristen, waarvan één op het eiland woont. Een maand later zocht ik hem opnieuw op en ging hij alleen met mij op stap. "Het maakt me niet uit of je alleen bent, ik ga soms ook alleen op stap", was zijn reactie toen ik hem vroeg of hij dan wel uit de kosten zou komen. Snorkelen is zijn passie. Op elke trip kwamen we Big Steve en andere touragentschappen tegen: een overvolle zeilboot waarmee je nauwelijks kan zeilen omdat iedereen op het dek zit, luide muziek die het waterleven verstoort, zonnende en zatte toeristen, ceviche met zeevruchten buiten het seizoen om… Kortom, ik was blij met de authenticiteit en rust van Juni's trip. En hoewel Juni 'alleen maar' koekjes, fruit, vers fruitsap en warme koffie aanbiedt, zoiets smaakt verdomme goed na een lange snorkeltocht!
Juni zegt niet veel, maar eens je zijn vertrouwen wint, kent hij geen grenzen. Hij herinnert zich nog goed de tijd dat er geen toiletten bestonden op het eiland. Of beter gezegd: het ruime sop was het toilet van de eilandbewoners. In ondiep water vlakbij het strand hadden de dorpelingen twee balken geplaatst, waarop je kon zitten en je behoefte tussen beide balken in het zeewater liet vallen. "De meisjes wachtten tot valavond en gingen dan stiekem naar het toilet. Wij gluurden naar hen en soms gooiden we een steen in zee zodat het water opspatte tussen hun billen. Ze gilden van opwinding en dachten dat een vis naar hun kont sprong!"
Juni noemt zichzelf een feminist en kan het machogedrag van menig Belizaan niet luchten. Hij is opgegroeid met een vader die zijn vrouw en kinderen sloeg en diep in het glas keek. Hij besliste dat hij niet zo wou worden. Hij herinnert zich een conversatie van een aantal mannen die een mooie vrouw nakeken en het hadden over haar "bonito culo", een uitdrukking die vaak gebruikt wordt wanneer mannen het achterste van een vrouw appreciëren. Letterlijk vertaald betekent het "mooie aars", figuurlijk zouden we in Antwerpen "schoon kontje" zeggen. Juni reageerde daarop: "Mooie aars? Ik heb nog nooit een aars gezien die mooi is!"
Carlos: welcome to my world
"Dit is mijn bureau. Maar eigenlijk werk ik niet." Carlos wijst met zijn armen de wijde omtrek van het woud aan en later ook de grot waar we inkruipen. Na drie dagen Caye Caulker is hij blij weer vasteland onder zijn voeten te voelen. Hij neemt diep adem, wat heeft hij zijn woud en grot gemist. Carlos is geen zeeman - ik kreeg hem echt niet mee op snorkeltrip - maar veeleer een bosjesman. Hij kent het woud op zijn duimpje, weet welke planten goed zijn tegen diarree of schimmels, eet mieren die naar wortels smaken en kan zonder licht door de ATM-grot wandelen.
De laatste weken was hij geveld door dengue, een ziekte die overgebracht wordt door muggen die vooral overdag steken. Hij was bijna dood, het bloed stroomde uit zijn neusgaten en hij werd in allerijl overgebracht naar een ziekenhuis in Belize City. Maar hij heeft zich hersteld, hoewel zijn lever hard te lijden gehad heeft en hij voor een tijdje geen alcohol meer mag drinken. Zonder de hulp van zijn Noord-Amerikaanse vrienden had hij nooit de ziekenhuisrekening kunnen betalen.
Hij is drie maanden in Arizona geweest, op uitnodiging van Karen en Marvin, maar kreeg zoveel heimwee dat hij het niet meer uithield. Hij is ook al een aantal keer op Discovery Channel en andere televisiekanalen verschenen en speelt graag fotograaf van de toeristen die hij mee in de grot neemt. Die trekt hij dan in allerhande posities, klauwterend op rotsen, tussen spleten… ook ik mocht eraan geloven. Hij heeft een verzameling van littekens: van tarantula’s, machetes, wormen etc.
Maar hij spreekt met passie, met respect voor zijn voorvaderen die de grot gebruikten als een heilige plek om ceremonies uit te voeren. Niet iedereen mag in de ATM-grot gidsen, zo'n tiental jaar geleden organiseerde de overheid een opleiding en zij die toen slaagden zijn tot op de dag van vandaag de enigen die toeristen in de grot mogen meenemen. Carlos windt zich op als hij ziet dat tijdens zijn afwezigheid de rode markeringstape verplaatst is, die hij aangebracht heeft om de mayaobjecten te beschermen. In het verleden hebben toeristen immers al eens een voet verkeerd gezet en zo skeletten en vazen gebroken. "Ze hebben hier geen respect voor het verleden", gromt hij me in het Spaans toe en maant een andere gids aan beter op zijn toeristen te letten, wanneer één van hen zich tussen de mayaobjecten begeeft. Zelf beseft hij dat er vroeg of laat geen toeristen meer in de grot mogen komen, want de continue flashende toeristenstroom heeft zo zijn neveneffecten op het behoud van de grot en zijn schatten.
PS: ik heb Juni voorgesteld aan Carlos, ik vind dat ze op dezelfde passionele en spirituele manier omgaan met hun leefomgeving. Het klikte meteen.
0 reacties:
Een reactie plaatsen